Categorieën
Preek

‘Hij weet alles’

Vandaag preekte ik in mijn eerste gemeente Alkmaar-Noord. De Schriftlezing was 1 Johannes 3:18-24.

‘God is licht, er is in hem geen spoor van duisternis.’ ‘De wereld met haar begeerte gaat voorbij, maar wie Gods wil doet blijft tot in eeuwigheid.’ ‘Laten wij elkaar liefhebben, want de liefde komt uit God voort.’ ‘God is liefde.’ En: ‘De liefde laat geen ruimte voor angst.’

Allemaal oneliners uit de eerste Brief van Johannes. De schrijver van deze brief had dus een groot vermogen om zijn boodschap een korte heldere zinnen onder woorden te brengen. Hij brengt het christelijk geloof op formule. a2+b2=c2. E=mc2.

Ook onze Schriftlezing bevat zo’n oneliner, zo’n formule, in vers 20: ‘God is groter dan ons hart, hij weet alles’. Zoals voor al die uitspraken uit de brief geldt ook voor deze uitspraak dat je op een basaal niveau meteen begrijpt wat er bedoeld wordt, maar als je echt probeert te snappen wat er staat dan blijkt zo’n oneliner ook vragen op te roepen.

‘God is groter dan ons hart, hij weet alles.’ Ergens snappen we Allemaal meteen wat hier bedoeld wordt. Het is je toevertrouwen aan met je te boven gaat. Het is opgevangen worden door wat je niet bevatten kan. God is zoveel groter, wij kunnen wel aan hem denken, maar Hij is meer dan alles wat wij ooit over hun denken zullen.

Zo’n oneliner klinkt goed, maar past het geloof wel in oneliner? En zo’n formule geeft het gevoel dat je grip hebt op de materie, maar is dat ook zo? Heeft geloof niet meer te maken met nuance en met het ongrijpbare?

De oneliner van deze ochtend roept bij nader inzien ook allerlei vragen op. Waarom zou je zeggen dat God groter is dan ons hart? Hij is groter dan alle dingen, dus waarom ons hart? En waarom staat er: Hij weet alles? Wat heeft dat met dat groter zijn dan ons hart te maken? En het idee van Gods alwetendheid roept ook allerlei vragen op. Als God alles weet, wil Hij alles dan ook zo? Als god alles weet, zijn wij dan nog vrij in ons doen en laten?

Om zo’n oneliner weten te begrijpen helpt het vaak te kijken naar het verband waarin zo’n oneliner voorkomt. Zo’n oneliner maakt deel uit van een gedachtegang, het is een van de stappen in een betoog en door die stappen na te gaan begrijp je die oneliner ook beter. De auteur rijgt zijn gedachten als kralen aan een ketting en om te zien waarom hij juist die ene kraal toevoegt, moet je kijken naar de hele ketting.

Nu is er wel wat aan de hand met de ketting die Johannes hier rijgt. Het is een ingewikkelde tekst. Er is zelfs onduidelijkheid over wat er eigenlijk staat. De oudste handschriften van het Nieuwe Testament kennen geen spaties en geen onderscheid tussen hoofdletters en kleine letters. Sommige dingen kun je dus op verschillende manieren lezen. En dat is hier aan de hand. 

Maar ook inhoudelijk kun je deze tekst op verschillende manieren opvatten. Ik las afgelopen week dat over deze tekst Luther en Calvijn het oneens waren. De details daarvan laat ik nu even liggen, ik wil maar aangeven het waren niet de minste die hun tanden stuk beten op deze tekst.

Wat is nu de gedachtegang die Johannes, laten we hem voor het gemak maar zo noemen, wat is nu de gedachtegang die Johannes opzet? Hij spoort om te beginnen zijn lezers aan lief te hebben. ‘Kinderen, we moeten niet liefhebben met de mond, met woorden, maar waarachtig, met daden.’ Geen woorden, maar daden. 

Er waren in de gemeente waar Johannes schrijft mensen opgestaan die naar de mening van Johannes twee dingen verkeer deden. Ten eerste geloofden ze niet in de speciale band die er was tussen Jezus en God. En ten tweede zeiden ze dat het niet uitmaakt hoe je leeft. Doe waar je zin in hebt, als het goed voelt is het ook goed, pak wat je pakken kan, haal eruit wat erin zit, niet omdat het moet maar omdat het kan, you only love once. Het is van het soort hedonistisch nihilisme dat we vandaag ook nog zien. Het is van het soort egoïsme waar wij allemaal vatbaar voor zijn.

Johannes spoort de volgelingen van Jezus aan dat niet te doen. En dus niet alleen met woorden. Als ze dat doen, als we God en onze naasten liefhebben, dan weten we dat we ‘voortkomen uit de waarheid’, schrijft Johannes. En waarheid is voor Johannes niet en abstract filosofisch begrip, maar waarheid dat is Jezus. Hij is waarheid. Die concrete mens, en zijn concrete leven, zijn woorden en zijn daden, dat is de waarheid. Hij heeft God en de naaste liefgehad, all the way, helemaal. En als wij dat ook doen, dan weten we dat we uit Hem zijn, dan weten we dat we bij Hem horen en dus ook bij God. Dus door het goede te doen, weet je dat je bij God hoort. 

Dus door het goede te doen kun je ‘met een gerust hart voor God staan’, zo vervolgt Johannes. Hij zal je niet veroordelen. God zal het egoïsme, de oneerlijkheid en de onbarmhartigheid een halt toeroepen, Hij maakt er een einde aan. Dus als jouw leven daarop gebaseerd is, dan heb je reden om ongerust te zijn. Maar als je er uit de buurt blijft, heb je geen reden tot ongerustheid.

Je kunt dan met een gerust hart leven. Een gerust hart. En dan volgt vers 20: ‘En zelfs als ons hart ons aanklaagt: God is groter dan ons hart, hij weet alles.’ Dat geruste hart kan zich kennelijk toch ongerust maken. Ons hart kan ons aanklagen. Het Griekse woord betekent zelfs veroordelen.

Waar moet je dan aan denken? Wat is een hart dat je aanklaagt? De meeste mensen hebben wel van die momenten dat ze denken dat het niet goed genoeg is wat ze doen. Ik zou een betere vader zijn als… Ik zou in mijn relatie meer… Ik zou voor mijn geloof meer… Is dat wat Johannes bedoelt? Is dat Waarom hij zegt dat God groter is dan ons hart? Wil hij ons geruststellen?

Er is in het christendom vaak veel aandacht gegeven aan schuldgevoel. De eerste stap op de weg van het geloof was het besef van eigen zondigheid. Christus kon pas wat met je als jij overtuigd was van je eigen onwaardigheid en onvermogen. Om het te zeggen in de woorden van 1 Johannes 3 vers 20 : eerst moet ons hart ons aanklagen en dan kan God zijn grootheid tonen door de genade van Jezus Christus. Maar is dat ook wat in onze tekst bedoeld wordt?

Ik vraag het mij af. Als Johannes redeneert zoals de bijbel over het algemeen redeneert over en menselijk tekort, dan denkt hij ongeveer het volgende: Als je iets verkeerd doet dan kun je daar vergeving voor ontvangen als je het goed maakt. En als dat verkeerd doen een patroon is geworden dan moet je dat patroon doorbreken, bekering in Bijbels jargon. Doe je dat niet dan zul je de consequenties ondervinden. Het is allemaal heel concreet. Schuld bestaat wel degelijk, maar schuldgevoel, dat vindt de Bijbel niet zo interessant. Daar koop je niet zoveel voor. Dat wordt veel te makkelijk geestelijke navelstaarderij.

De Nieuwe Bijbelvertaling gebruikt heel terecht het woordje ‘zelfs’. ‘En zelfs als ons hart ons aanklaagt…’ Dat hart dat ons aanklaagt, dat is de uitzondering, de normale situatie is dat we met een gerust hart voor God staan. Dat kan dus en dat mag. God is niet op zoek naar angstige mensen die altijd maar bezig zijn met hun eigen tekort, maar naar mensen rechtop, die daadwerkelijk partij kiezen voor hun naaste en voor hem. Daar komt het op aan, dat wij dat doen, meer en meer. Niet op minder fouten maken, maar meer het goede doen.

Johannes speelt met woorden. Even wat Grieks. Het woord voor aanklagen is kataginosko, het woord voor weten is ginosko.  Weten en aanklagen klinken in het Grieks dus bijna hetzelfde.

‘Dan weten we (‘ginosko’) dat we voortkomen uit de waarheid en kunnen we met een gerust hart voor God staan. En zelfs als ons hart ons aanklaagt (‘kataginosko’): God is groter dan ons hart, hij weet (‘ginosko’) alles.

Wij weten heus wel dat we voortkomen uit de waarheid, maar ons hart weet af en toe ook nog wel iets anders, het vindt soms redenen om daaraan te twijfelen. Maar ons weten, ons soms wankele en bedreigde weten, wordt gedragen door Gods weten. Hij weet alles. Dat is dus geen algemene waarheid over Gods alwetendheid, het gaat om Gods weten dat wij uit de waarheid zijn, dat wij bij Hem en bij Jezus willen horen. Hij weet dat. En als Hij het weet, dan is het zo.

Daar kun je je gerust aan toevertrouwen. En dat is een fijn gevoel, zeker, maar het is vooral iets wat ons motiveert. Het motiveert ons God lief te hebben boven alles en onze naaste als onszelf. Want als je niet meer zo druk hoeft te zijn met jezelf heb je daar alle ruimte voor.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s