Categorieën
Preek

Ironie

Op deze Goede Vrijdag hield ik onderstaande preek. Gelezen was Marcus 15:1-39. Mijn Paaspreek stond niet op papier. Je kunt hem op het YouTube-kanaal van Hervormd Woerden wel nakijken (vanaf 42:30).

‘Werkelijk, deze mens was Gods Zoon.’ Deze woorden klinken in de Marcuspassie uit de mond van de Romeinse centurio. Hij voert het bevel over de soldaten die belast zijn met de executie van die drie veroordeelden. Hij had alle soldaten bij elkaar geroepen, hij had hen in korte en krachtige bewoordingen duidelijk gemaakt wat hij van hen verwachtte en hij had opdracht gegeven op pad te gaan. Hij had toezicht gehouden op de geseling, hij had zijn soldaten toegestaan hun spottend spel te spelen met de veroordeelde en had tenslotte het bevel gegeven hem aan het kruis te nagelen.

En daarna begon het minst leuke deel, het wachten op de dood. En die kon lang op zich laten wachten. Het kan uren duren voordat de dood intreedt, maar ook dagen. En al die tijd moest je de wacht houden. Dat moet zelfs voor geharde Romeinse soldaten een opgave zijn geweest.

Deze centurio had het ongetwijfeld al vaker meegemaakt. Kruisiging was in die tijd een geliefde methode om opstandelingen en misdadigers dood te martelen. De Romeinen kruisigden wat af in die tijd. De wreedheid van de straf beoogde een afschrikwekkend effect te hebben. Sterven voor je idealen is één ding, uren aan een kruis hangen, telkens bijna stikken omdat je volledige lichaamsgewicht aan je armen hangt, even omhoogkomen door je doorboorde benen te strekken, en uiteindelijk uitgeput niet meer kunnen ademen, daar schrikt zelfs de meest bevlogen rebel voor terug.

Er hebben heel wat kruisen gestaan in Jezus’ dagen. Overal in het Romeinse Rijk en ook in Judea en Galilea. Er is een verslag van een opstand in Galilea rondom het begin van onze jaartelling. Jezus’ geboortegrond moet bezaaid zijn geweest met kruisen.

Die centurio had het allemaal gezien. Een man van geweld was hij. Afgestompt. Hij gaf niet om het leven, niet om dat van anderen, niet om dat van hemzelf. Het kon hem niets meer schelen.

En hij zegt: ‘Werkelijk, deze mens was Gods Zoon.’ Het zijn opmerkelijke woorden uit de mond van deze geharde militair. Het zijn woorden die doen terugdenken aan de eerste woorden van Marcus’ vertelling over Jezus. ‘Het begin van het evangelie van Jezus Christus, Zoon van God.’ En verder is er niemand die Jezus Zoon van God noemt in het Marcusevangelie, afgezien van twee demonen. Deze centurio is de enige mens die Jezus Zoon van God noemt.

Nu is de vraag hoe deze centurio dat bedoelt. We kunnen er wel snel een belijdenis van maken, maar is het dat ook? Het zou ook heel goed kunnen dat de centurio het ironisch bedoeld. Volgens het woordenboek is ironie: ‘bedekte spot, doordat je het tegenovergestelde zegt van wat je bedoelt’. ‘Nou, dit was dan de “zoon van god”! Moet je kijken, dit blijft er over van hem…’ ‘Werkelijk, deze mens was Gods Zoon.’ 

De centurio kent een andere godenzoon. Die hangt niet aan een kruis, maar zit op een troon, in Rome. Het is de keizer, caesar Augustus. Het is ‘de baas’ die de centurio dient. Hij noemt zich ‘zoon van god’, hij gedraagt zich als een god, beslist over leven en dood, laat zich vereren en doet en laat wat hij wil. Die sterft niet aan een kruis, maar leeft in overdaad en rijkdom.

‘Werkelijk, deze mens was Gods Zoon.’ Er staat dat de centurio ‘recht tegenover Jezus stond’. Het duidt op een vijandig tegenover iemand staan. De centurio staat recht tegenover het kruis, recht tegenover Jezus. Hij is letterlijk een tégenstander. En als Jezus is gestorven zegt de centurio: ‘Goed, dat was dan deze godenzoon. Hebben we dit ook weer gehad. Als die andere twee nu ook nog een beetje rap sterven, kunnen we weer terug naar de kazerne.’

Maar de ironie van deze centurio wordt overtroffen door de ultieme ironie van het evangelie: de centurio zegt de waarheid over Jezus Christus.

Deze centurio is de meest onwaarschijnlijke getuige die er maar zijn kan. Hij is geen leerling, maar militair; hij is geen jood, maar een heiden; hij is geen volgeling, maar tegenstander; hij vertegenwoordigt de machten die zich tegen God verzetten; hij wil spotten, beschimpen, honen, maar hij kan het niet helpen… hij spreekt de waarheid. Of hij het nu meent of niet.

O goddelijke ironie! ‘Deze mens was Gods Zoon.’ God spot met onze vooroordelen. Wij zijn ook zo onder de indruk van de machten. Wij dienen vele goden: Mammon, Aphrodite, Mars, het beruchte trio; geld, seks en macht. Wij lopen achter de godenzonen aan, vergapen ons aan hun roem en rijkdom. 

Maar dan is daar Jezus. Hij ís Gods Zoon. En Hij is dat juist als gekruisigde. Wil je de enige, echte, ware God zien? Kijk dan naar het kruis! Het lijkt alsof daar alle duistere machten zich samenballen, alsof de afgodische krachten het winnen, maar in werkelijkheid is het kruis de overwinning op die machten. De apostel Paulus schrijft: Hij heeft zich ontdaan van de machten en krachten, hij heeft hen [aan het kruis] openlijk te schande gemaakt en in Christus over hen getriomfeerd.’ (Kolossenzen 2:15) Dat is goddelijke ironie. 

Want Christus aan het kruis brengt hemel en aarde samen. Voor ons is Hij werkelijk God-met-ons, in ons lijden, in onze misère, in onze schuld. En voor God is Hij de volkomen gehoorzame en beschikbare mens. En daardoor begint een nieuwe werkelijkheid. De werkelijkheid van de eenheid van hemel en aarde. God en mens niet langer vreemden voor elkaar, maar vrienden. Een werkelijkheid die zichtbaar wordt om te beginnen in Jezus’ opstanding. Een nieuwe werkelijkheid, een nieuwe schepping, een nieuw bestaan voor iedereen. Een werkelijkheid die de Geest in ons bewerkt.

Dat is Gods ironie. Ons redden door met ons ten onder te gaan. Ons het leven geven door te sterven. Ons te vergeven door ons een nieuw bestaan te geven.

Ga maar net als die centurio recht tegenover het kruis staan, recht tegenover Christus. Ga daar staan en kijk. Kijk net zolang totdat je het ziet. Dat in die verliezer God overwint. Dat Hij de Zoon van God is. Dat Hij de machten en krachten waar jij zo van onder de indruk bent, maar die niets om jou geven, onttroont omdat Hij wel om je geeft. Zeg het: werkelijk, deze mens was Gods Zoon!’

De Heer sterft aan het kruis. Zijn lichaam gebroken, zijn bloed vergoten. Het is het geheim van Goede Vrijdag. Liefde tot het einde, het nieuwe begin van vergeving. In brood en wijn is deze Heer met ons. Neem en eet, gedenk en geloof. Zeg het, met je geloof en met je ongeloof: ‘Werkelijk, deze mens was Gods Zoon!’.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s