Categorieën
Preek

Exodus 24 en Pinksteren

Tijdens de Paastijd (die loopt van Aswoensdag tot en met Pinksteren) stonden er lezingen uit Exodus op het oecumenisch leesrooster. Vandaag voor het laatst, Exodus 24. In mijn preek ga ik in op de vraag wat dit hoofdstuk met Pinksteren te maken heeft.

Wat heeft Exodus 24 met Pinksteren te maken? Het korte antwoord is: alles! En het langere antwoord zal ik in de rest van deze preek geven.

En dan wil ik met u teruggaan naar die allereerste Eerste Pinksterdag, zo’n 2000 jaar geleden in Jeruzalem. Als ik mijn Pinksterpreken teruglees, is dat eigenlijk altijd wat ik doe. Terug naar toen. Kennelijk is dat nodig, om telkens terug te keren naar het begin, naar hoe het allemaal is begonnen. Even terug achter alles wat erbij gekomen is.

In Jeruzalem is het druk. Er is een feest ophanden. Het is een drukte van belang, Joden van over de hele wereld hebben zich in de stad verzameld. Het begint al bijna. De sfeer is uitgelaten. Allemaal hebben ze uitgezien naar dit moment, het Wekenfeest. Een feest wat ooit begon als oogstfeest, als de eerst vruchten van het land kwamen, en langzamerhand veranderd is in het feest van God die na de uittocht uit Egypte in de woestijn zijn verbond sluit met Israël. God spreekt, Hij wil met ons van doen hebben. Dat is een feestje waard…

Wat viert men dus op die eerste Eerste Pinksterdag? Men viert Exodus 24! Men viert dat God niet alleen bevrijdt uit de slavernij, maar dat Hij ook zelf komt om het nieuwe leven in vrijheid samen met zijn volk gestalte te geven. Vijftig dagen na het feest van de uittocht vieren Joden het feest van de ontmoeting met God. Vijftig dagen na Pasen is het Pinksteren.

Als die wonderlijke dingen in Jeruzalem gebeuren, is dat op het feest van Exodus 24. En waarover gaat het in Exodus 24? Over de vraag hoe God zich present stelt en hoe wij hem ontmoeten. En het antwoord op die vraag blijkt gelaagd.

Exodus 24 is duidelijk een tekst die is samengesteld uit verschillende oudere teksten. Dat heeft niets met kritisch Bijbellezen te maken of vrijzinnigheid. Wie gewoon met aandacht leest, moet wel opvallen dat er drie verschillende verhalen door elkaar vertelt lijken te worden. De Bijbeltekst lijkt nauwelijks moeite te doen om dat te verhullen.

Drie verhalen dus. Een verhaal over Mozes, Aäron, Nadab en Abihu en zeventig van Israëls oudsten. En een verhaal over Mozes die in z’n eentje de berg opgaat. En een verhaal over Mozes die het volk de wetten en regels van God geeft, waarop het volk dan reageert met de intentie God te willen dienen. 

Ik begin hierover omdat elk van deze drie verhalen een ander antwoord geeft op de vraag hoe God zich present stelt en hoe wij Hem ontmoeten. Het verhaal over God die zijn verbond sluit met het volk zegt dat God onder ons aanwezig is door zijn wetten en regels. God dienen, met hem in contact staan, is je houden aan zijn regels ten leven, dat is gerechtigheid doen, dat is opkomen voor de zwakken. Godsdienst is niet een gevoel, niet iets wat je met je verstand beredeneert, godsdienst is een manier van leven. Het is de praktische vormgeving van je bestaan gericht op Hem.

Het verhaal van Mozes die in zijn eentje zet de berg opgaat, vertelt dat God heilig is, dat je Hem niet zomaar kunt benaderen, dat er afstand is tussen Hem en ons die niet zomaar overbrugd kan worden. Alleen Mozes mag tot God naderen, als een bemiddelaar, als een priester. Dit verhaal is hoogst waarschijnlijk afkomstig uit de kring van de tempelpriesters. En het verhaal wil zeggen dat God zich present stelt via de godsdienst, via de liturgie.

En dan is er tenslotte nog het verhaal over Mozes, Aäron, Nadab en Abihu en zeventig van Israëls oudsten. Zij zien God, een unieke gebeurtenis in het Oude Testament. Zij zien God, en ze blijven leven, ja zo staat er zo mooi, ze aten en dronken. Samen eten en drinken is in de bijbel een van de hoogste vormen van intimiteit. Er zijn momenten dat je helemaal thuis bent bij God, volkomen op je gemak. Dan gaat het even niet over wetten en regels, of over rituelen, maar is er direct contact.

Exodus 24 geeft dus meerdere antwoorden op de vraag hoe wij God ontmoeten. En die verschillende antwoorden geven ook een diepte aan het verhaal van Pinksteren. Pinksteren gaat er over dat God zich present stelt, dat Hij er helemaal is. Pinksteren gaat er over dat God zijn zoon niet alleen opwekt uit de dood, maar dat Hij Hem ook in ons zal laten opstaan. Dat Hij het nieuwe leven dat in Christus is begonnen met ons wil leven.

En hoe doet Hij dat? Daar vallen dus verschillende dingen over te zeggen. God is door de heilige Geest bij ons aanwezig door onze manier van leven, én in de eredienst, de liturgie, de lofzang die wordt gaandegehouden, én in het directe contact, de religieuze ervaring, het gevoel gekend te zijn door God. Ook het Nieuwe Testament vertelt dit gelaagde verhaal over Gods aanwezigheid in ons midden.

De een is vatbaarder voor de ene manier, de ander heeft meer gevoel bij de andere manier. En in de verschillende seizoenen van je leven kan God telkens weer anders aan het licht komen. 

Je zou de verschillende verhalen over Gods aanwezigheid ook nog kunnen koppelen aan de verschillende kerkfamilies. De rooms-katholieke kerk, de oosters-orthodoxe kerk en het protestantisme vertellen elk hun eigen verhaal over God, en ook binnen die families zijn er grote verschillen.Vandaag vieren wij dat God heel dichtbij komt, in een veelkleurigheid van manieren. Het heldere witte licht van Pasen breekt in een regenboog van kleuren. God is niet dit of dat, Hij is altijd meer. En telkens weet Hij wegen te vinden, naar ons hart en naar het hart van ieder mens.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s