Categorieën
Theologie

Wie is als… Over Micha, (on)heilsprofeet in de Adventstijd

Voor ons kerkblad Klankbord schreef ik onderstaande tekst over Micha en Advent.

Het oecumenisch leesrooster stelt voor om in de Adventstijd te lezen uit het Bijbelboek Micha. Dat is op zich niet verrassend. Micha bevat een van de bekendere Bijbelteksten uit het Oude Testament die rond Kerst te horen is: ‘Uit jou, Betlehem in Efrata, te klein om tot Juda’s geslachten te behoren, uit jou komt iemand voort die voor mij over Israël zal heersen.’ (Micha 5:1)

Verder kennen we uit Micha allemaal de tekst die het zelfs tot het hoofdkwartier van de Verenigde Naties heeft geschopt over de zwaarden die worden omgesmeed tot ploegscharen en de speren tot snoeimessen. (4:3, overigens ook in Jesaja 2 en Joël 4). En natuurlijk kennen we ook allemaal die magistrale woorden uit Micha 6: ‘Er is jou, mens, gezegd wat goed is, je weet wat de HEER van je wil: niets anders dan recht te doen, trouw te betrachten en nederig de weg te gaan van je God.’ (6:8)

 

Je zou op basis van deze teksten denken dat Micha een ‘mooi’ Bijbelboek is met een optimistische boodschap en troostrijke beeldtaal. Maar niets is minder waar. Het boek Micha is zowel naar zijn vorm als naar zijn inhoud een verontrustend boek. Wie Micha in zijn geheel doorleest (dat kan in een half uurtje, probeer maar) zal verward zijn Bijbel dichtslaan. Het gaat alle kanten op in Micha. Woorden van heil worden afgewisseld met schimpscheuten, spreekwoorden, vervloekingen en profetische clichés. Het komt rommelig over en het is beslist onmogelijk om te zeggen wat nu dé boodschap van het Bijbelboek is.

 

Om deze reden zijn er uitleggers die het boek Micha opvatten als het verslag van een discussie. Een profeet, waarschijnlijk Micha geheten, is in debat met zijn tegenstanders. (In de Groot Nieuws Bijbel is de verdeling van de woorden over deze twee kampen ook in de tekst weergegeven.) Maar let op, ook de tegenstanders van Micha klinken als profeten. Micha profeteert onheil, hij zegt het volk Israël en haar leiders in Jeruzalem de wacht aan vanwege vooral sociaal onrecht, terwijl de tegenstanders profeteren over Gods trouw aan zijn verbond. Micha noemt zijn tegenstanders ‘wijn-en-drankprofeten’ (2:11), omdat ze het volk alleen maar fijne dingen voorspiegelen. Op hun beurt roepen zij Micha toe: ‘Hou toch op met je gepreek!’ (2:6)

 

Als je deze uitleg volgt, wordt het allemaal wat beter te begrijpen wat je in Micha leest. Aan de andere kant raak je wel een paar mooie teksten kwijt aan Micha’s tegenstanders. Bijvoorbeeld die over de zwaarden en ploegscharen.

 

De vraag is wat Micha’s ongezouten onheilsprofetieën in onze tijd betekenen. Wie zegt ons de waarheid? En zitten wij er op te wachten? Lukt het om in de kerk ook de ongemakkelijke waarheid ter sprake te brengen? Wij horen toch ook liever geruststellende woorden? Welke preek willen wij niet horen? Welke preek wil ik niet houden?

 

Als ik Micha’s onaangepaste woorden lees en herlees, doet hij mij denken aan een cabaretier. En dan niet van het soort ‘lollige grappenmaker’, maar van het soort dat ons soms scheldend en tierend een spiegel voorhoudt. Cabaretiers die ons laten zien waar onze dubbele moraal en ons gemakzuchtig consumentisme toe leiden. En als u nu denkt: ‘Zulke cabaretiers hebben toch niets met Bijbelse profetie te maken!’, dan zijn we exact bij de kernvraag van Micha: wat is geloofwaardige profetie? Of nog scherper: wie is God?

 

De naam Micha betekent ‘wie is als…’. Je moet dan toevoegen ‘God’. Wie is als God? Dat is een mooie vraag voor Advent. Wie is als God? En wat mogen wij van Hem verwachten?

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s