Op Pinksteren gaat de preek over de heilige Geest. We lazen Johannes 20:19-23 en ontdekten een verrassende kant van het Pinksterverhaal.

Bij Johannes loopt het anders dan wij vanuit de andere evangeliën en vanuit het kerkelijk jaar verwachten. Pinksteren vindt niet plaats tien dagen na Jezus’ hemelvaart en veertig na zijn opstanding, maar Pasen en Pinksteren vallen op één dag. Op de avond van die eerste dag van de week – dat is dus de dag van zijn opstanding – staat Jezus in hun midden, wenst hen vrede en blaast op hen en zegt: ‘Ontvang de heilige Geest.’ Het is meteen na Pasen ook Pinksteren. Lees verder

Advertenties

Wij zijn geen wezen geweest…

De zondag tussen Hemelvaartsdag en Pinksteren staat ook wel bekend als Wezenzondag. De kerk is tussen het vertrek van haar Heer en de komst van de Geest verweesd achter gebleven. We lazen Johannes 14:15-21.

De evangelist Johannes zou zich verbazen als hij hoorde dat wij deze zondag Wezenzondag noemen. En hij zou zich nog meer verbazen als hij hoorde dat er op Wezenzondag altijd uit zijn evangelie gelezen wordt. Johannes beweert namelijk precies het tegendeel van waar Wezenzondag voor staat. In zijn Evangelie zegt Jezus juist dat wij géén wezen zullen zijn: ‘Ik laat jullie níet als wezen achter…’ Lees verder

Baudet, Houellebecq en Christus

Vandaag wat actualiteit en politiek in de preek, altijd spannend, niet mijn specialisme. We lazen uit de Bijbel Joël 2:21-27 en Johannes 14:23-29.

Afgelopen week kreeg Thierry Baudet een dikke foei van progressief Nederland. Hij had het bestaan de grote verworvenheden van onze moderne samenleving ter discussie te stellen. Hij loochende de heilige drie-eenheid van de vooruitgang: abortus, euthanasie en werkende vrouwen. En de progressieve hogepriesters van onze tijd veroordeelden de ketter Baudet eensluidend. Je kon erop wachten. (En ik maak me geen illusies, dat was precies waar het Baudet om te doen was.) Lees verder

Herinneringen

Vandaag preekte ik in de Grote of Barbarakerk te Culemborg. Gelezen werd Deuteronomium 6:1-9 en Johannes 13:31-35.

Hoe je je iemand herinnert die er niet meer is, hoef ik jullie niet te vertellen. Het zijn soms de kleine dingen die een herinnering wakker roepen. Of het is juist een groot moment dat je tegen elkaar zegt hoe jammer het is dat zij of hij dit niet meemaakt. ‘Zij zou het zo anders hebben gedaan.’ Of: ‘Wat zou hij dit mooi hebben gevonden.’
Lees verder

Zien en zien is twee, of drie

Voor de kerkdienst op Paasmorgen schreef ik onderstaande preek over zien. We lazen Johannes 20:1-18 uit de Bijbel in Gewone Taal.

Het belangrijkste werkwoord in het Paasverhaal van de evangelist Johannes is ‘zien’. Liefst zeven keer vallen de woorden kijken en zien. Misschien verbaast ons dat, omdat voor ons het christelijk geloof in het algemeen en Jezus’ opstanding in het bijzonder nu juist niet met zien te maken hebben. Niet zien en toch geloven, zeggen we dan. Lees verder

De menigte

Vandaag preekte ik over de gelijkenis van de onrechtvaardige pachters (Lucas 20:9-19). Jezus legt zijn weg door het lijden naar de heerlijkheid uit. We lazen ook uit Jesaja 58 (vers 6 tot en met 10).  

Wanneer ik een preek maak, begin ik meestal met het zoeken naar iets wat me opvalt in de Schriftlezing. Iets onverwachts, iets wat ik over het hoofd had gezien, of iets wat op dat moment in de actualiteit is, of iets wat me persoonlijk raakt. Een detail wat kan dienen als aangrijpingspunt om het geheel van de lezing uit te leggen. Bij het Evangelie van deze zondag heb ik daar ook naar gezocht, maar ik heb niets gevonden. Geen detail, geen verrassing. Lees verder

‘Wees toch blij!’

Op deze vierde zondag in de Veertigdagentijd lezen we o.a. de overbekende gelijkenis van de verloren zoon (Lucas 15:11-32). Het thema van de preek ‘Wees toch blij’ ontleen ik aan de antifoon bij de Psalm van de zondag ‘Verheug u met Jeruzalem, bedroefde, juich over haar!’

‘Wees toch blij.’ Dat is wat Jezus met de gelijkenis van de verloren zoon wil zeggen. ‘Wees toch blij.’ Jezus spreekt op zijn weg naar Jeruzalem de Farizeeën en de Schriftgeleerden aan die morren omdat Jezus zondaars ontvangt en met hen eet. ‘Alle tollenaars en zondaars kwamen hem opzoeken om naar hem te luisteren,’ zo begint Lucas 15. Lees verder